Reptielen, amfibieën en ongewervelden

De landschildpad: een dier dat u waarschijnlijk niet overleeft

Griekse landschildpad loopt tussen lage planten met witte bloemen
Foto: Orchi — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

Een landschildpad is geen huisdier voor een aantal jaren maar voor generaties: de Griekse landschildpad wordt 60 tot 80 jaar oud en soms meer dan 100. Hij hoort het grootste deel van het jaar buiten, in een omheind, zonnig verblijf van minstens 4 tot 6 m², eet vezelrijke wilde kruiden en houdt 3 tot 4 maanden winterrust bij 4 tot 8 °C. Er is bovendien een CITES-certificaat verplicht.

Een reptiel voor generaties

De landschildpad die in Nederland het meest gehouden wordt, is de Griekse landschildpad, Testudo hermanni, afkomstig uit Zuid-Europa. Het is een dier van droge, zonnige hellingen met veel kruiden en struikgewas, en dat leefgebied bepaalt vrijwel alles aan de verzorging.

Het eerste wat u moet weten, is de leeftijd. Een landschildpad wordt 60 tot 80 jaar oud, en soms meer dan 100. Dat is geen huisdier maar een erfstuk. Wie er een aanschaft, moet in het testament regelen wie het dier overneemt. Dat klinkt overdreven tot u bedenkt dat een schildpad die u op uw veertigste koopt, waarschijnlijk nog leeft als uw kleinkinderen volwassen zijn.

Welke Testudo heeft u eigenlijk

Onder de naam landschildpad worden in Nederland drie verwante soorten verkocht, en het verschil doet er in de verzorging toe. De Griekse landschildpad, Testudo hermanni, heeft een gehoornd punt aan het staartuiteinde en meestal een gedeeld staartschild; hij komt uit Zuid-Europa en houdt een echte winterrust. De moorse landschildpad, Testudo graeca, mist die staartpunt maar heeft een uitstekende hoornwrat aan elke achterpoot; de vormen uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten verdragen kou aanzienlijk slechter en houden een kortere of helemaal geen winterrust. De breedrandschildpad, Testudo marginata, wordt met ruim 30 cm het grootst en heeft een sterk uitwaaierende achterrand aan het schild.

Dat onderscheid is geen liefhebberij. Wie een graeca uit een warm herkomstgebied dezelfde winterrust geeft als een hermanni, riskeert dat het dier de rust niet overleeft. Staat de soort niet op het CITES-certificaat vermeld, laat het dier dan door een reptielendierenarts of een gespecialiseerde vereniging op naam brengen voordat u de eerste winter ingaat.

Bijlage A: zonder certificaat mag u hem niet houden

Alle Testudo-soorten staan op Bijlage A van de Europese CITES-verordening. Voor het houden, kopen en verkopen is een geldig EU-certificaat verplicht, en het dier moet identificeerbaar zijn — bij voldoende grote dieren met een chip, bij jonge dieren met foto's van het schildpatroon.

Koop nooit een landschildpad zonder papieren, ook niet van een particulier die zegt dat het dier al jaren in de familie is. Zonder certificaat bent u in overtreding en kan het dier in beslag worden genomen. Vraag ook naar de herkomst: alleen in gevangenschap gefokte dieren zijn legaal. De wildvang die tot in de jaren tachtig gebruikelijk was, heeft de populaties in Zuid-Europa zwaar aangetast.

Buiten, niet binnen

Een landschildpad hoort het grootste deel van het jaar buiten te leven, in een omheind verblijf op een zonnige plek. Dat is geen luxe: binnen krijgt hij nooit genoeg uv-B-straling en warmte, en het gevolg is een zachte, misvormde schaal door gebrekkige botvorming. Bultige schilden bij jonge dieren zijn vrijwel altijd het gevolg van binnen houden en te eiwitrijk voeren.

Het verblijf moet ruim zijn — reken op minstens 4 tot 6 m² voor één volwassen dier — met een lage muur of rand die het dier niet kan overklimmen en die minstens 30 cm is ingegraven, want ze graven. Zorg voor zon, schaduw, lage beplanting, een droog schuilhok en een ondiepe waterschaal. In een koud voorjaar is een verwarmd kasje of een broeikas nodig om de dieren op temperatuur te krijgen.

Het schild lezen

Aan het schild is af te lezen hoe een schildpad gehouden is. Elke schildplaat groeit vanaf de rand naar buiten, waardoor er ringen ontstaan; die zeggen iets over groeiperioden maar zijn geen betrouwbare leeftijdsmeter, want een dier dat binnen wordt gehouden en doorgroeit, zet er meerdere per jaar bij.

Wat u wel kunt aflezen is de vorm. Een gezond schild is glad en licht gewelfd. Bultige, piramidevormige platen — pyramiding — ontstaan bij te snelle groei door te eiwitrijk voer, te weinig vezel, te weinig uv-B en een te droge opkweek. Die vervorming is blijvend: het schild groeit niet meer glad. Een schild dat bij lichte druk meegeeft, wijst op metabole botziekte en is een spoedgeval. Bruine of witte plekken die zacht aanvoelen of ruiken kunnen schildrot zijn, meestal door een te vochtig of te vuil verblijf. Kleine krassen en afgesleten randen zijn daarentegen normaal bij een dier dat buiten leeft en zich tussen stenen beweegt.

De winterrust

Dit is het onderdeel dat het vaakst wordt overgeslagen en dat toch onmisbaar is. Een Griekse landschildpad houdt in de natuur 3 tot 4 maanden winterrust bij 4 tot 8 °C. Dieren die daar kunstmatig doorheen worden gehouden met een warmtelamp, ontwikkelen op termijn leverproblemen en leggen slecht.

De winterrust bereidt u voor door in de nazomer het voeren af te bouwen en het dier 2 tot 3 weken alleen water te geven, zodat de darmen leeg zijn. Daarna gaat het in een geventileerde bak met vochtige aarde in een koele ruimte of in een aangepaste koelkast, bij 4 tot 8 °C. Weeg het dier voor en na: een gewichtsverlies van meer dan 10% is reden om de rust af te breken. Alleen gezonde, goed doorvoede dieren gaan in winterrust; twijfelt u, overleg dan met een reptielendierenarts.

Kruiden, geen sla

Een landschildpad is herbivoor en eet in het wild vezelrijke, eiwitarme en calciumrijke kruiden. Het menu bestaat dus uit wilde planten: paardenbloem, weegbree, klaver, brandnetel, smeerwortel, distel en zo verder. Sla, tomaat en fruit zijn ongeschikt — te waterig, te weinig vezel, te veel suiker — en hondenvoer, kattenvoer of vlees zijn ronduit schadelijk.

Te eiwitrijk voeren is de belangrijkste oorzaak van de bultige schaal en van nierproblemen. Strooi wat calciumpoeder over het voer en leg een sepiaschelp in het verblijf, die het dier zelf aanknabbelt als het calcium nodig heeft. Vers water moet altijd beschikbaar zijn in een ondiepe schaal waar het dier in kan stappen.

Wat er misgaat, en wanneer u een dierenarts zoekt

De meest voorkomende problemen zijn metabole botziekte door gebrek aan uv-B en calcium, luchtweginfecties bij een te koud of te vochtig verblijf, en overgroeide snavel en nagels bij te zacht voer. Bij vrouwtjes komt legnood voor. Een schildpad die piept bij het ademen, uit de neus loopt of niet meer eet, moet naar een dierenarts met reptielenervaring — en die zijn niet overal te vinden.

Een bijzonder aandachtspunt is salmonella. Reptielen dragen die bacterie vaak zonder zelf ziek te zijn. Was uw handen na elk contact en laat jonge kinderen, zwangeren en mensen met een verminderde afweer niet met het dier of het verblijf omgaan.

Voor wie is een landschildpad geschikt

Een landschildpad past bij wie een tuin heeft, een zonnig verblijf kan inrichten, bereid is de winterrust goed te regelen en die accepteert dat dit dier een erfenis wordt. Het is een fascinerend dier met verrassend veel karakter, dat zijn verzorger herkent en na jaren nog steeds naar de voerplek komt lopen.

Hij past niet in een terrarium in de woonkamer, niet bij wie geen tuin heeft en niet bij wie de papieren niet op orde kan krijgen. En hij past niet bij wie een dier zoekt voor de komende 10 jaar; deze keuze reikt aanzienlijk verder.

Veelgestelde vragen

Moet een landschildpad in winterrust?
Ja. 3 tot 4 maanden bij 4 tot 8 °C hoort bij de soort. Dieren die er kunstmatig doorheen worden gehouden, krijgen op termijn leverproblemen. Bereid het voor door het voeren af te bouwen en de darmen te laten legen, en weeg het dier voor en na.
Heb ik papieren nodig voor een landschildpad?
Ja. Alle Testudo-soorten staan op Bijlage A van CITES. Er is een geldig EU-certificaat verplicht en het dier moet identificeerbaar zijn. Koop er nooit een zonder papieren, ook niet van een particulier.
Kan een landschildpad binnen gehouden worden?
Niet als vaste huisvesting. Binnen krijgt hij te weinig uv-B en warmte, wat leidt tot een zachte, bultige schaal. Hij hoort het grootste deel van het jaar buiten in een ruim, zonnig verblijf met schuilplek.

Lees ook