Reptielen, amfibieën en ongewervelden

De axolotl: een amfibie die nooit volwassen wordt en koel water nodig heeft

Axolotl met uitwaaierende kieuwtakken onder water
Foto: Stan Shebs — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

De axolotl is een salamander die zijn larvenvorm nooit verlaat: hij houdt zijn uitwaaierende kieuwen en blijft zijn hele leven in het water. De verzorging is eenvoudig op één punt na, en dat punt is beslissend. Hij hoort in water van 15 tot 18 °C, en boven de 24 °C wordt het gevaarlijk. Wie geen ruimte heeft die 's zomers koel blijft, moet deze soort niet nemen.

Een salamander die larve blijft

De axolotl is een salamander uit een enkel merensysteem bij Mexico-Stad. Wat hem bijzonder maakt is neotenie: hij bereikt geslachtsrijpheid zonder ooit de gedaante van een landsalamander aan te nemen. Hij houdt zijn uitwaaierende externe kieuwen, zijn staartzoom en zijn waterleven, en gaat dus nooit aan land.

Daarnaast is hij beroemd om zijn regeneratievermogen: een axolotl kan een verloren poot, staart, kaak en zelfs delen van hart en hersenen opnieuw aanmaken. Dat maakt hem tot een van de meest bestudeerde dieren in de biologie. In het wild is de soort met uitsterven bedreigd; vrijwel alle dieren in de hobby zijn nakomelingen van in gevangenschap gefokte lijnen.

10 tot 15 jaar, en kleurvormen die niets aan de zorg veranderen

Een axolotl wordt 10 tot 15 jaar oud en bereikt een lengte van 25 tot 30 cm. Er zijn verschillende kleurvormen: het wildtype is donkerbruin gespikkeld, daarnaast bestaan er leucistische dieren (roze met zwarte ogen), albino's en gouden vormen.

Hij is verrassend goedkoop in aanschaf en onderhoud, maar de eisen aan het water zijn onvergeeflijk. De belangrijkste is de temperatuur, en juist daar gaat het in Nederlandse huiskamers regelmatig mis.

Koel water: de kritieke eis

Een axolotl hoort in water van 15 tot 18 °C. Boven de 22 °C raakt hij gestrest, boven de 24 °C wordt het gevaarlijk: hij stopt met eten, zijn afweer zakt in en schimmel- en bacteriële infecties krijgen vat op hem. Een Nederlandse woonkamer komt in de zomer moeiteloos boven die grens.

De oplossing is een koele ruimte — een kelder, een noordkamer — of actieve koeling met een aquariumkoeler, wat een aanzienlijke investering is. Een ventilator over het wateroppervlak scheelt enkele graden door verdamping, en een goedkope noodmaatregel is het drijven van gesloten flessen ijs. Wie geen ruimte heeft die 's zomers onder de 22 °C blijft, moet deze soort niet nemen. Verwarming is nooit nodig.

Metamorfose: het enige wat u nooit moet uitlokken

Een axolotl kán in principe metamorfoseren. In zeldzame gevallen gebeurt het spontaan bij dieren met een bepaalde aanleg: de kieuwen verdwijnen, de staartzoom trekt weg, de huid verandert en het dier gaat aan land als een gewone salamander. Op het internet circuleert daarom het idee dat u die omvorming kunt afdwingen door jodium of schildklierhormoon aan het water toe te voegen.

Doe dat niet. Een gedwongen metamorfose is voor het dier een zware ingreep die veel dieren niet overleven, en de dieren die het wel halen leven daarna aanzienlijk korter dan een axolotl die in het water blijft. De omvorming is bovendien onomkeerbaar: een gemetamorfoseerd dier heeft een compleet ander verblijf nodig, met een landdeel, een andere luchtvochtigheid en een ander dieet. Er is geen enkel voordeel voor het dier en het is in strijd met de zorgplicht die de Wet dieren oplegt.

Begint een axolotl spontaan te veranderen — kieuwen die inkrimpen, ogen die uitpuilen, huid die verkleurt — overleg dan met een dierenarts met amfibieënervaring. Soms wijst het op een onderliggend probleem met de waterkwaliteit.

De bak en het substraatprobleem

Voor één axolotl geldt 80 × 40 cm als minimum, wat neerkomt op ongeveer 100 liter; voor twee dieren minstens 150 liter. Het gaat om bodemoppervlak, niet om hoogte — axolotls leven op de bodem en zwemmen weinig.

De bodem is het punt waar het vaakst misgaat. Axolotls happen hun voedsel op met een zuigende beweging en slikken daarbij alles mee wat los ligt. Grind is daardoor levensgevaarlijk: het veroorzaakt darmverstoppingen die vaak fataal zijn. Gebruik ofwel een kale bodem, ofwel fijn zand met een korrel onder een millimeter, dat wel wordt meegeslikt maar er weer uitkomt. Verder: een rustige filter zonder sterke stroming, gedempt licht, en schuilplekken van kurk of pvc. Axolotls houden niet van fel licht.

Wormen, pellets en wat te vet is

De axolotl is een carnivoor. De basis is een zinkende pellet voor axolotls of forel, aangevuld met regenwormen — verreweg het beste voedsel — en ontdooide muggenlarven of stukjes garnaal. Volwassen dieren eten 2 tot 3 keer per week, jonge dieren dagelijks.

Wees voorzichtig met vet voer en met rundvlees of hart: dat is te vet en te moeilijk verteerbaar. Levende voedervissen zijn af te raden, omdat die parasieten en ziekten introduceren. Verwijder ongegeten resten binnen enkele uren; door de lage temperatuur breekt de bak organisch afval traag af en de waterwaarden lopen anders snel op.

Twee dieren van gelijk formaat, en verder niets erbij

Axolotls kunnen samen gehouden worden mits ze even groot zijn en de bak ruim genoeg is. Dieren van verschillende formaten zijn een probleem: de grotere bijt de kleinere in de kieuwen of poten. Dat regenereert weliswaar, maar het is stressvol en de wonden kunnen ontsteken. Houd ze bij twijfel apart.

Combineer ze niet met vissen: die pikken aan de kieuwen, en kleinere vissen worden opgegeten. De meest voorkomende problemen zijn schimmelinfecties bij te warm water, darmverstopping door grind en de zogenoemde vlokreepjes-achtige aandoeningen door slechte waterkwaliteit. Een axolotl die zijn kieuwen naar voren krult, aan het oppervlak hangt of niet meer eet, zit vrijwel altijd in te warm of te vuil water. Meet de temperatuur en de waarden voordat u iets anders probeert.

De bak inrichten en op gang brengen

Een axolotlbak moet net als een aquarium biologisch ingelopen zijn voordat er een dier in gaat. Dat duurt 4 tot 6 weken, waarin de bacteriën in het filter zich vormen die ammoniak omzetten. Bij een axolotl is dat extra belangrijk, omdat ze gevoeliger zijn voor ammoniak en nitriet dan de meeste vissen en omdat de lage temperatuur de biologische afbraak vertraagt.

Meet in die periode wekelijks ammoniak, nitriet en nitraat. Pas als ammoniak en nitriet allebei op nul staan en er nitraat wordt gemeten, is de bak klaar. Wie haast heeft, kan filtermateriaal uit een bestaande, gezonde bak lenen; dat versnelt het proces aanzienlijk. Zet er nooit een dier in op de dag dat de bak is opgezet: dat is de meest voorkomende oorzaak van een axolotl die binnen 2 weken ziek wordt.

Voor wie is een axolotl geschikt

De axolotl past bij wie een koele ruimte heeft, bereid is de waterwaarden bij te houden en een bijzonder, opvallend dier wil dat weinig onderhoud vraagt zodra de bak eenmaal stabiel is. Ze zijn rustig, herkennen hun verzorger en komen naar de voorruit bij het voeren.

Hij past niet in een warme woonkamer zonder koeling, en niet bij wie het dier wil aanraken: de huid heeft geen schubben en is bedekt met een beschermlaag die bij aanraken beschadigt. Alleen verplaatsen als het moet, en dan met een fijnmazig net of een bakje water. En hij past niet in een gemeenschapsbak met vissen.

Veelgestelde vragen

Bij welke temperatuur moet een axolotl gehouden worden?
15 tot 18 °C. Boven de 22 °C raakt hij gestrest en boven de 24 °C wordt het gevaarlijk: hij stopt met eten en krijgt schimmelinfecties. Een verwarming is nooit nodig; koeling in de zomer vaak wel.
Mag er grind in een axolotlbak?
Nee. Axolotls zuigen hun voedsel op en slikken los grind mee, wat vaak fatale darmverstoppingen geeft. Gebruik een kale bodem of fijn zand met een korrel onder een millimeter.
Mag ik een axolotl aanraken?
Liever niet. De huid heeft geen schubben en is bedekt met een beschermende slijmlaag die bij aanraken beschadigt. Verplaats het dier alleen als het nodig is, met een fijnmazig net of een bakje water.

Lees ook