De grasparkiet: een zwermvogel die geen leven heeft in een kleine kooi

Een grasparkiet is een zwermvogel, en dat bepaalt alles: hij hoort niet alleen te zitten en een spiegel is geen soortgenoot. Voor twee vogels is een kooi van minstens 100 cm breed nodig, plus dagelijks 2 tot 3 uur vrije vlucht in een veilige kamer. Zaad alleen is te eenzijdig en leidt tot vervetting. Bij goede verzorging haalt hij 6 tot 12 jaar, en soms 15.
Een Australische zwermvogel in de huiskamer
De grasparkiet komt uit het binnenland van Australië, waar hij in zwermen van soms duizenden vogels over de droge vlaktes trekt op zoek naar zaad en water. Die zwerm is het uitgangspunt voor alles wat de soort als huisdier nodig heeft. Een grasparkiet is nooit alleen, is voortdurend in beweging en legt in het wild grote afstanden af.
Hij wordt sinds het midden van de negentiende eeuw in Europa gehouden en is daarmee een van de bekendste kooivogels ter wereld. Juist door die bekendheid is ook het misverstand hardnekkig: dat een grasparkiet in een kooitje op de vensterbank, alleen, met een spiegeltje als gezelschap, een normaal leven heeft. Dat is niet zo, en de gevolgen zijn zichtbaar in verveling, veren plukken en een kort leven.
6 tot 12 jaar bij goede verzorging
Een grasparkiet kan 10 tot 15 jaar oud worden, al ligt de praktijk vaak lager: 6 tot 12 jaar is gebruikelijk. De verschillen zijn grotendeels terug te voeren op voeding en beweging. Vogels die uitsluitend zaad krijgen en weinig vliegen, ontwikkelen vervetting van de lever en tumoren, en die verkorten het leven aanzienlijk.
Een volwassen dier weegt 30 tot 40 gram en is 18 cm lang, waarvan een flink deel staart. De zogenoemde Engelse of showgrasparkiet is fors groter, maar leeft gemiddeld korter. Voor wie een gezelschapsvogel wil, is de gewone, kleinere vorm de betere keuze.
De was boven de snavel: geslacht en gezondheid aflezen
Boven de snavel van een grasparkiet zit de was, een onbevederd stukje huid waarin de neusgaten liggen. Die was is bij deze soort een aflezing die u bij vrijwel geen andere kooivogel zo eenvoudig krijgt.
Bij een volwassen man is de was helderblauw, bij een volwassen vrouw beige tot bruin, en bij een vrouw in broedconditie wordt hij donkerbruin en korstig. Jonge vogels hebben een roze tot lichtpaarse was waaraan nog niets te zien is; het onderscheid komt pas na een maand of vier. Bij enkele kleurslagen werkt de regel niet: lutino's, albino's en sommige bonte vormen houden hun leven lang een roze of paarsige was, ook de mannen.
Belangrijker nog is de was als gezondheidssignaal. Een volwassen man bij wie de was geleidelijk van blauw naar bruin verkleurt, is een klassiek verschijnsel bij een hormoonproducerende testistumor, en dat komt bij grasparkieten relatief vaak voor. Een was die opeens dik en schilferig wordt, wijst eerder op snavelmijt. Beide horen bij een vogeldierenarts, en in beide gevallen is de verkleuring vaak het eerste dat u ziet.
Nooit alleen, en een spiegel is geen soortgenoot
Een grasparkiet hoort minstens met z'n tweeën te leven. Ze poetsen elkaar de kop — dat kunnen ze zelf niet — voeren elkaar, roepen naar elkaar en slapen naast elkaar. Een enkele vogel die alleen zit, richt dat gedrag noodgedwongen op de mens of op voorwerpen.
De spiegel is daarbij een klassieke fout. Een alleen gehouden parkiet die tegen zijn spiegelbeeld begint te praten en te voeren, raakt gefixeerd op een beeld dat nooit antwoordt; dat leidt tot frustratie en soms tot braken van voedsel. Wie graag een tamme, pratende vogel wil, kan die met twee vogels ook krijgen: het duurt wat langer, maar het gaat niet ten koste van het dier. Twee vogels van hetzelfde geslacht voorkomt broedgedrag.
Kooi en vrije vlucht
Belangrijker dan de hoogte van de kooi is de lengte, want parkieten vliegen horizontaal. Voor twee vogels geldt 100 cm breed als redelijk minimum, met een diepte van 40 tot 50 cm. Tralies horizontaal, zodat de vogels kunnen klimmen. Kies natuurlijke zitstokken van verschillende diktes — takken van wilg, hazelaar of fruitbomen — in plaats van de gladde plastic stokjes die standaard worden meegeleverd; die veroorzaken op termijn drukplekken aan de voeten.
De kooi is echter maar de helft van het verhaal. Een grasparkiet heeft dagelijks minstens 2 tot 3 uur vrije vlucht in een veilige kamer nodig. Dek daarbij ramen af, sluit deuren, zet potten van het fornuis en let op teflonpannen: oververhitte antiaanbaklaag geeft dampen af die voor vogels binnen minuten dodelijk zijn. Datzelfde geldt voor geurkaarsen en veel schoonmaakmiddelen.
Gewone of Engelse grasparkiet: wat u koopt
In de handel bestaan twee duidelijk verschillende typen. De gewone grasparkiet, die dicht bij de wildvorm staat, is klein, slank en snel. De Engelse of showgrasparkiet is doorgefokt voor tentoonstellingen: fors gebouwd, met een zware kop, een brede borst en lange veren boven de ogen die het gezicht half bedekken.
Dat verschil is niet cosmetisch. De showvorm beweegt trager, vliegt minder goed en leeft gemiddeld korter — een verschil van enkele jaren is gebruikelijk. De lange kopveren beperken bovendien het zicht, wat het aanleren van vrije vlucht in een kamer lastiger maakt. Daar staat tegenover dat showvogels vaak rustiger zijn en zich makkelijker laten hanteren.
Voor wie een levendige gezelschapsvogel wil die veel vliegt, is de gewone vorm de betere keuze. Wie een rustige vogel wil en de kortere levensduur accepteert, kan bij de showvorm terecht. Vraag er in de winkel expliciet naar; de twee typen liggen vaak in dezelfde volière en het prijsverschil is klein.
Voeding: zaad alleen is niet genoeg
Uitsluitend zaadmengsel voeren is de meest gemaakte fout. Zaad is vetrijk en eenzijdig, en vogels pikken er bovendien selectief hun favorieten uit. Bied een goed parkietenmengsel als basis, maar vul dagelijks aan met vers groenvoer: andijvie, paardenbloemblad, vogelmuur, kiemzaad, wat paprika of komkommer. Trosgierst is een traktatie, geen dagelijkse kost.
Daarnaast horen er een sepiaschelp of kalkblok en maagkiezel in de kooi. Vers water dagelijks verversen; parkieten baden graag, dus een ondiep badje of een plantenspuit met lauw water is een welkome afwisseling. Vermijd avocado, chocolade, ui en zout: die zijn voor vogels giftig.
Geluid van zonsopgang tot zonsondergang
Grasparkieten zijn luidruchtig. Ze kwetteren de hele dag door, zeker met meerdere vogels, en dat is niet af te leren. Mannetjes leren soms woorden nabootsen, vrouwtjes zelden. Reken op geluid van zonsopgang tot zonsondergang; wie licht slaapt of een kleine woning heeft, moet dat meewegen.
Veelvoorkomende problemen zijn vervetting, schildkliergezwellen, en bij vrouwtjes legnood, waarbij een ei blijft steken. Verder komt megabacteriose voor, een maaginfectie die geleidelijk gewichtsverlies geeft. Vogels verbergen ziekte zeer lang: een parkiet die opbolt en op de bodem zit, is vaak al dagen ziek en moet dezelfde dag naar een vogeldierenarts.
Voor wie is een grasparkiet geschikt
Een paar grasparkieten past bij wie ruimte heeft voor een brede kooi, dagelijks een kamer kan vrijmaken om te laten vliegen en tegen levendig geluid kan. Ze zijn goed te combineren met kinderen, mits die begrijpen dat een vogel niet vastgepakt hoort te worden en dat schrikken gevaarlijk is.
Ze passen niet bij wie stilte wil, bij wie een vogel als decoratie ziet, of bij wie geen 10 jaar vooruit wil kijken. En ze passen niet bij een huishouden waar met antiaanbakpannen op hoog vuur wordt gekookt zonder afzuiging. Wie het wel kan bieden, heeft aan een koppel grasparkieten jarenlang bijzonder levendig gezelschap.



