Vogels in huis

De agapornis: klein, fel en veel temperamentvoller dan zijn bijnaam doet vermoeden

Agapornis met roze gezicht en groen verenkleed op een dunne tak
Foto: Charles J. Sharp — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

De naam onafscheidelijke slaat op het paar en niet op de omgang met mensen: agaporniden zijn temperamentvol, territoriaal en bijten voor hun formaat hard. Ze horen met z'n tweeën, in een kooi van minstens 100 × 60 × 100 cm of liever een volière, met dagelijkse vrije vlucht. Ze worden 10 tot 15 jaar oud, zijn schel van stem en horen niet bij kleinere vogelsoorten in dezelfde ruimte.

Een dwergpapegaai met een stevig karakter

Agaporniden zijn kleine Afrikaanse papegaaien, in het Nederlands ook wel dwergpapegaaien of onafscheidelijken genoemd. Die laatste naam komt van het gedrag van een paartje, dat vrijwel voortdurend tegen elkaar aan zit. Het wekt de indruk van een aanhankelijk, zacht vogeltje, en dat is misleidend: agaporniden zijn temperamentvol, territoriaal en kunnen fors bijten.

De meest gehouden soort is de roseicollis, de agapornis met perzikroze gezicht en groen lichaam. Daarnaast zijn er de fischeri, de personata met het zwarte masker en de nigrigenis. Onderling verschillen ze in temperament, maar geen enkele soort is een kalme schootvogel. Wie een rustige papegaaiachtige zoekt, komt bij de valkparkiet beter uit.

10 tot 15 jaar, en een snavel die u onderschat

Een agapornis wordt 10 tot 15 jaar oud, soms ouder. Het is een compacte vogel van 15 tot 17 cm met een kort, breed staartje en een zware snavel voor zijn formaat. Dat gewicht van 50 tot 60 gram is bedrieglijk: de bijtkracht is aanzienlijk en een agapornis die zich bedreigd voelt, aarzelt niet.

De soort is niet geschikt om zonder toezicht met andere vogelsoorten te huisvesten. Agaporniden zijn agressief tegenover kleinere vogels en er zijn regelmatig ernstige verwondingen gemeld bij gemengde volières met grasparkieten of zebravinken. Houd ze bij hun eigen soort.

Twee vogels, en het liefst een paartje

De Nederlandse naam is hier wel terecht: agaporniden horen niet alleen te leven. Ze poetsen elkaar, voeren elkaar en slapen tegen elkaar aan, en een enkele vogel mist dat volledig. Twee vogels is het minimum.

Houd er wel rekening mee dat een paartje van man en vrouw bijna zeker gaat broeden. Een vrouwtje dat continu legt, put zichzelf uit en loopt risico op legnood. Wilt u niet fokken, kies dan twee vogels van hetzelfde geslacht, of haal het broedblok weg en houd de daglengte beperkt. Ook zonder blok leggen vrouwtjes soms eieren; laat die dan liggen tot ze zelf de belangstelling verliezen, want weghalen leidt vaak tot een nieuw legsel.

Papierstroken in de veren: nestbouw die u nergens anders ziet

Agaporniden bouwen een echt nest, en dat is bij papegaaiachtigen ongebruikelijk: de meeste soorten leggen hun eieren in een kale holte. Vrouwtjes knippen met hun snavel lange, smalle repen uit blad, bast of papier, en bij de roseicollis gaat het daarna op een manier die u bij geen andere gehouden vogel ziet: ze steekt de repen tussen de veren van haar stuit en vliegt er zo mee naar de nestplaats. Een vogel die met een halve krant in haar achterste rondloopt, is dus geen ongelukje.

Bij de gemaskerde soorten — fischeri, personata, nigrigenis — gaat het anders: die dragen het materiaal gewoon in de snavel. Dat verschil in gedrag is een van de duidelijkste scheidslijnen binnen het geslacht en wordt door kwekers gebruikt om groepen te onderscheiden.

Voor de houder is het praktisch. Zodra een vrouwtje begint te knippen en te dragen, is ze in broedstemming, ook zonder blok en ook zonder mannetje. Wilt u geen legsel, geef dan geen papier, karton of zacht blad, kort de daglengte in en haal alles weg wat op een holte lijkt. Wilt u wel jongen, dan is verse wilgenbast het materiaal waar ze het liefst mee werken.

Kooi, volière en vrije vlucht

Agaporniden zijn krachtige vliegers die veel beweging nodig hebben. Voor twee vogels is 100 × 60 × 100 cm een redelijk minimum, en een volière is duidelijk beter. Ze knagen bovendien stevig: houten kooionderdelen en zachte kunststof zijn binnen korte tijd stuk, dus kies metaal en geef volop verse takken om op te werken.

Vrije vlucht is ook hier noodzakelijk, minstens een paar uur per dag. Let daarbij extra op: agaporniden zijn nieuwsgierig en gaan overal op af, inclusief snoeren, sieraden en planten. Controleer welke kamerplanten giftig zijn en zet ze weg. Dezelfde waarschuwing als bij andere vogels geldt voor oververhitte antiaanbakpannen, geurkaarsen en sigarettenrook.

Zaad als basis, vers voer erbij

Een goed zaadmengsel voor agaporniden of grote parkieten vormt de basis, aangevuld met dagelijks vers voer: bladgroenten, kiemzaad, paprika, wortel, appel en af en toe wat gekookte peulvruchten. Ook hier geldt dat een pelletvoer een goede optie is omdat het selectief eten voorkomt.

Geef een sepiaschelp voor calcium, zeker bij leggende vrouwtjes, en vers water. Zonnebloempitten zijn geliefd maar vet; gebruik ze als beloning en niet als hoofdbestanddeel. Vermijd avocado, chocolade, ui en zoute snacks.

Let bij deze soort extra op de overgang naar pellets. Agaporniden zijn eigenwijze eters die dagen kunnen weigeren, en een kleine vogel die niet eet, gaat snel achteruit. Meng daarom het nieuwe voer eerst door het oude en verschuif de verhouding over enkele weken, en weeg de vogel wekelijks met een keukenweegschaal. Een gewichtsverlies van meer dan 10% betekent dat de overgang te snel gaat.

Geluid, gedrag en gezondheid

Agaporniden zijn luid. Hun roep is schel en doordringend en ze roepen graag in koor, vooral in de ochtend en aan het eind van de middag. Ze leren zelden woorden. Voor een appartement met dunne muren is dit geen ideale keuze; wees daar eerlijk over voordat u begint.

Qua gezondheid komen vervetting, legnood en snavelmijt voor, en bij verveling ook verenpikken. Een vogel die opbolt, op de bodem zit of niet meer eet, is een spoedgeval: kleine vogels gaan snel achteruit. Zoek een dierenarts met vogelervaring, want papegaaiachtigen vragen specifieke kennis en medicatie.

De volière buiten

Agaporniden doen het uitstekend in een buitenvolière, en voor wie de ruimte heeft is dat de mooiste manier om ze te houden. Ze zijn goed bestand tegen de Nederlandse zomer en tegen koelere herfstdagen, maar ze hebben wel een vorstvrij nachthok nodig; onder de 5 °C moeten ze naar binnen kunnen. Bouw de volière met dubbel gaas of met een tussenruimte langs de zijkanten, want katten en marters grijpen door enkel gaas heen naar vogels die tegen de wand slapen.

Binnen de volière werkt beplanting met wilg, hazelaar en bamboe goed: ze knagen eraan, ze schuilen erin en het geeft de vogels beschutting tegen wind. Zorg voor een overdekt deel waar voer en water droog blijven, want nat zaad beschimmelt binnen een dag en schimmelsporen veroorzaken aspergillose. Hang de voerbakken hoog en niet onder zitstokken.

Voor wie is een agapornis geschikt

Een paar agaporniden past bij wie een levendige, kleurrijke vogel wil met veel karakter, ruimte heeft voor een grote kooi of volière en tegen behoorlijk wat geluid kan. Wie het aandurft om ze met geduld hand-tam te maken, krijgt er een ondernemende vogel voor terug.

Ze passen niet bij wie stilte nodig heeft, bij wie een schootvogel zoekt of bij wie ze bij andere vogelsoorten wil zetten. En ze passen niet bij jonge kinderen: de bijtkracht is voor een vogel van dit formaat verrassend groot en een agapornis die zich in het nauw voelt, bijt raak.

Veelgestelde vragen

Moet een agapornis per se met z'n tweeën?
Ja. Het zijn uitgesproken sociale vogels die elkaar poetsen en voeren; een enkele vogel mist dat volledig. Wilt u geen nest, kies dan twee vogels van hetzelfde geslacht en bied geen broedblok aan.
Kan een agapornis bij grasparkieten in de volière?
Beter niet. Agaporniden zijn territoriaal en agressief tegenover kleinere vogels; er worden regelmatig ernstige verwondingen gemeld. Huisvest ze bij hun eigen soort.
Maken agaporniden veel lawaai?
Ja. Hun roep is schel en doordringend, vooral in de ochtend en aan het eind van de middag, en ze roepen graag in koor. Voor een appartement met dunne muren is het geen voor de hand liggende keuze.

Lees ook